Zien, onze ogen: de werking ervan vinden we eigenlijk heel vanzelfsprekend. Maar hoe werkt dit unieke zintuig in ons lichaam en hoe zit het precies in elkaar? In dit artikel leggen we de anatomie van het oog graag stap voor stap aan u uit.

De oogbol (retina) vormt het startpunt. De oogbol bestaat uit verschillende, veelal zachte elementen die het licht opvangen en daarna verwerken.

Anatomie

De buitenkant van de oogbol heeft een gelaagde structuur. Het is opgebouwd uit een aantal dunne lagen. De buitenste laag wordt gevormd door het bindvlies (conjunctiva). Daaronder bevindt zich het wat stevigere oogwit (sclera). Het dunne vlies aan de voorkant van de oogbol noemen we het hoornvlies (cornea). Het hoornvlies vormt een beschermlaag tegen vuil en andere stoffen van buitenaf en zorgt ervoor dat het licht goed wordt opgevangen. In de laag onder het oogwit, het vaatvlies, zorgen aders en bloedvaten voor de af- en aanvoer van voedingsstoffen voor het oog.

Licht wordt opgevangen door de pupillen. De pupillen zijn kleine zwarte stipjes, gaatjes eigenlijk, in het midden van de iris. De iris bepaalt de kleur van het oog. Zoals we al eerder in het artikel over de iris schreven, bepaalt de hoeveelheid pigment de kleur van de iris: blauw, bruin, grijs of groen, in verschillende tinten en combinaties. Het vaatvlies dat zich rondom de iris bevindt, zorgt voor de constante toevoer van oogvocht.

Terug naar de pupil. De pupil fungeert eigenlijk als beschermingsmechanisme en werkt als een protectie tegen (te) veel licht. Als het donker is, wordt de pupil wijder. Zo kan de pupil zoveel mogelijk licht opvangen. Andersom wordt de pupil kleiner als er (te) veel licht op het oog valt.

De lens bevindt zich voor de pupil. Vergelijk de lens van je oog met die van een fotocamera. Zoals bij een camera stelt de lens van je oog het opgevangen beeld scherp. Op die manier kun je de dingen om je heen scherp waarnemen. Kleine spiertjes zorgen ervoor dat de lens boller of juist platter wordt. Een bolle lens zorgt voor het zien van scherp beeld in de verte. Een platte lens zorgt ervoor dat je van dichtbij scherp kunt zien. Dit proces verloopt vanzelf en gebeurt dus onbewust.

Het door de ooglens opgevangen licht belandt daarna op het netvlies (retina), dat zich helemaal aan de achterkant van de oogbol bevindt. Het opgevangen licht wordt dus doorgegeven aan het netvlies. De oogzenuw (nervus opticus) stuurt het beeld vervolgens naar de hersenen. De overgang van de oogzenuw naar de hersenen wordt de blinde vlek genoemd. Het dankt zijn naam aan de specifieke locatie in het oog, op die plek bevindt zich namelijk geen netvliesweefsel.
De ruimte tussen de lens en het netvlies noemen we het glasachtig lichaam (corpus vitreum). Het bestaat uit een heldere vloeistof met een geleiachtige structuur.

Het oog is een kwetsbaar en gevoelig orgaan en ligt daarom goed opgeborgen in de oogkas. Met 6 spieren is het oog aan de oogkas bevestigd en kan het in verschillende richtingen bewegen. De wenkbrauwen en wimpers houden zweet en stof tegen en zorgen er dus voor dat vuil niet in het oog terecht komt.
Ook de oogleden spelen een belangrijke rol in het welzijn van het oog. Het openen en sluiten van de oogleden zorgt ervoor dat het oog vochtig en soepel blijft.

0 antwoorden

Laat een reactie achter

Vragen na aanleiding van dit artikel?
Laat eenvoudig een reactie achter.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>